Tag Archives: 2024

Roger Corman (1926 – 2024)

Er is een andere wereld maar hij zit in deze wereld. Dat denk ik als ik het stoffelijk overschot van Roger Corman in ons lijkenhuis zie toekomen.

Schlock! The secret history of American movies (2001). Elke geïnterviewde in deze docu is nu dood. Corman was de laatste.

Roger Corman stierf. Hij werd 98. De films van Corman hadden een immense invloed op de manier waarop ik naar films ben gaan kijken. Eens homevideo kwam in de jaren negentig, schuimde ik de Antwerpse videotheken af op zoek naar pareltjes van Amerikaanse commerciële cinema. Dan duurt het niet lang eer je Corman tegenkomt. Na een jarenlang dieet van de bittere ernst van staats-gesubsidieerde arthouse cinema kom je erachter dat film ook gewoon pretentieloos plezier kan zijn.

Continue reading

RIP Steve Albini (1962- 2024)

Ergens eind jaren tachtig kwam mijn broer thuis met de elpee Songs About Fucking (1987). Dat denk ik toch. Of kocht ik die plaat achteraf zelf en hoorde ik hem voor het eerst op het VPRO programma waar ook Luc Janssen aan meewerkte nadat hij op de VRT ontslagen was wegens het op antenne laten van een scheet?

“The Model” cover van Big Black

Op die plaat van Big Black stond een cover van “The Model” (1978) van Kraftwerk; de gitaarklanken waren van een scherpe metaalkleur en de teksten gingen van: ‘L-DOPA, fix me alright!’ (‘L-DOPA, maak me beter’) tot ‘he’s a whore’ (‘hij is een hoer’). L-DOPA is een psychiatrisch geneesmiddel tegen bijvoorbeeld het bibberen van Parkinson. Big Black was Steve Albini

Continue reading

RIP Frank Stella (1936 – 2024)

Niet nader geïdentificeerd beeldmateriaal van Stella uit 1972, waar ook toenmalige kunstpaus William Rubin aan het woord komt.

Ik ben nooit echt tot Frank Stella‘s werk aangetrokken geweest. Vanaf het moment dat hij kleur gebruikte kwam het me voor als het soort kitsch waar ik niet zo gek van ben. Als doodgraver heb ik maar een beperkte hoeveelheid katzwijm voorhanden, ik zie hier immers zoveel talent passeren. Ik bedenk me dat in het jaar voor Stella’s geboorte, Paula Rego haar eerste licht zag en het jaar erna Allen Jones zijn allereerste angstschreeuw de wereld in stuurde. Beide vind ik — hoewel ze maar voorbeelden zijn — interessanter. Allen Jones leeft trouwens nog.

Continue reading

Paul Auster (1947 – 2024)

‘Ik was op zoek naar een plek om rustig dood te gaan. Iemand stelde Brooklyn voor.’

Paul Auster

Het is de eerste zin van The Brooklyn Follies (2005) die ik staande las in Fnac Antwerpen en ik ben hem nooit meer vergeten. Als de eerste zin van een roman goed is, lijkt het of het halve werk erop zit.

Paul Auster op bezoek bij Apostrophes bij de publicatie van Moon Palace. Van alle volkeren nemen de Fransen de geschreven fictie het meest aux serieux. Bovendien is het het enige land waar je romans in de supermarkten vindt, denk ik, maar ik kan me daarover vergissen.

Paul Auster (1947 – 2024) sterft en het daagt me dat ik na dat zinnetje nooit meer iets van de Amerikaan las en nooit meer aan hem heb gedacht. Van Martin Amis las ik meer. En door diens Time’s Arrow moest ik zeker drie à vier keer per jaar aan de Brit denken, die ongeveer even oud als Auster is. Ik krijg de neiging die twee te vergelijken en vind een boek over autofictie.

Continue reading

RIP Jean-Marie Aerts (1951 – 2024)

Toen Arno twee jaar geleden stierf deed ik daar een beetje smalend over; ik heb namelijk nooit van Arno gehouden. Dat kan aan mijn eigen afgunst liggen maar misschien is er meer aan de hand, want ik benijd immers niet ieders succes en van velen vind ik dat ze net méér bijval verdienen dan hen bij leven ten deel viel.

“Oh My” (2022)

Dat vind ik ook van Jean-Marie Aerts die pas gestorven is en die eigenlijk alleen bekend is voor zijn bijdragen aan T.C. Matic.

Aerts was een achtergrondfiguur, geen schijnwerperzoeker. Hij zat aan de knoppen, mixte, programmeerde, arrangeerde, net als Holger Czukay (1938 – 2017) waar Aerts mee samenwerkte op de plaat Charlatan van T.C. Matik.

“Cool hé jongen” (1982)

Zonder dat ik het wist kwam Aerts het eerst op mijn radar met “Cool hé jongen” (1982) van Kurt Van Eeghem, een track die hij opnam, programmeerde en mede-schreef.

Ook het uitstekend klinkende Westende songs (2005) van Kris De Bruyne leer ik nu kennen.

Maar het aangenaamst verrast ben ik door een recente plaat van Aerts: Domeztik (2022) Daarop staat “Oh My!” en daar heb ik nu toch al een keer of vijf na elkaar naar geluisterd.

DS heeft een mooie necrologie door Peter Vantyghem en Filip Tielens.

DM-lezers moeten het stellen met Gunter Van Assche.

Maar daar gaat het nu niet over.

Rust zacht Jean-Marie.

RIP Daniel Dennett (1942 – 2024)

De Amerikaanse filosoof Daniel Dennett (1942 – 2024) sterft en het is mijn oudste doodgraver Sholem Stein die mij up to date brengt.

Sholem vertelt over die keer dat hij gered werd door Dennetts weerlegging van de naturalistische dwaling; over hoe de meeste filosofen wel zeggen dat de dame niet echt doormidden gezaagd wordt, maar niemand zegt wat er dan wel aan de hand is; over het grote belang van dé waarheid en over vurig atheïsme.

Continue reading

RIP Richard Horowitz (1949 – 2024)

“Marnia’s Tent” (1990)

In Marokko stierf de Amerikaanse componist Richard Horowitz die vooral voor zijn filmwerk bekend werd. Jahsonic, mijn melomane doodgraver, wees mij op een compositie die nogal populair is in het ambient en balearic circuit. De titel is “Marnia’s Tent” en hij staat op de soundtrack van The Sheltering Sky (1990) die hij samen met Ryuichi Sakamoto schreef.

Eros in Arabia (1981)

Mijn aandacht ging voornamelijk naar Eros in Arabia (1981) omdat ik nu eenmaal een erotomaan ben.

Rust zacht Richard.

RIP Peter Higgs (1929 – 2024)

Brian Cox geeft uitleg over het higgsdeeltje tegen Conan O’Brien.

Peter Higgs sterft en ik word herinnerd aan Elementaire deeltje‘ van Michel Houellebecq en aan The Three-Body Problem van Liu Cixin.

Dat zit zo.

Peter Higgs ontdekte een elementair deeltje dat zijn naam kreeg: het higgsdeeltje. Men noemt het ook het godsdeeltje maar dat heeft Peter nooit leuk gevonden want hij was atheïst.

In dat heerlijke boek Elementaire deeltjes (1998) worden mensen vergeleken met elementaire deeltjes. Na het huwelijk worden man en vrouw één vlees en Michel vergelijkt dat met twee elementaire deeltjes die, eenmaal verenigd, voor altijd een onafscheidelijk geheel vormen.

Ook in de instant klassieker The Three-Body Problem (2008) spelen elementaire deeltjes een rol als wetenschappers wereldwijd tot de vaststelling komen dat die deeltjes zich niet meer op voorspelbare wijze gedragen: de wetenschap is stuk.

The Three-Body Problem is een keerpunt in de cultuurgeschiedenis: het is de eerste keer dat China ‘cooler’ is dan het Westen.

Maar daar gaat het nu niet over.

We zijn hier samengekomen voor het afscheid van Peter. Ik geef Peter een mooi plaatsje, naast Ted Kaczynski, nog zo’n een wiskundeknobbel. Rust zacht Peter.