RIP Nathalie Baye (1948 – 2026)

Nathalie Baye was een Franse actrice. Ik zie dat François Ozon van haar afscheid neemt op Facebook en ik twijfel of ik haar uitvaart persoonlijk zal verzorgen of ik ze aan een van mijn doodgravers zal toevertrouwen, maar geen van hen voelt er iets voor. Ze zijn jonger dan ik, hun referentiekader is gestoeld op het Marshallplan, u weet wel, de naoorlogse financiële heropbouwinjectie die onze culturele annexatie door de Verenigde Staten bezegelde en de navelstreng met Frankrijk voorgoed doorknipte.

Ik twijfel er niet aan dat mijn ouders Maria Smet (1941 – 2024) en Willem Geerinck (1940 – 2000) — wat is het vreemd om die twee namen hier zo te schrijven — wel iets te melden zouden gehad hebben over Nathalie mocht ik hen die naam nog hebben kunnen voorleggen. Zij zaten nog met beide voeten in het model dat zei: ‘als het regent in Parijs, dan druppelt het in Brussel’. Zij kenden als goede flaminganten het Franse chanson, de Franse film, de Franse geschiedenis en de Franse taal. Zij dachten dat Parijs nog steeds de kunsthoofdstad van de wereld was, zij wisten niet dat de nieuwe kunstenaars met Marcel Duchamp mee naar New York waren verhuisd.

Continue reading

RIP Afrika Bambaataa (1957 – 2026)

Party people, party people
Can y’all get funky?
–“Planet Rock” (1982)

Afrika Bambaataa is DJ en bandleider in New York als hij in 1982 met “Planet Rock” doorbreekt. Het is een nummer waar ik niet zoveel aan vind behalve dat het twee tracks van persoonlijke lievelingen Kraftwerk samplet: “Trans Europe Express” (1977) en “Numbers” (1981). Ik las ergens — ik weet niet meer waar — dat de Kraftwerkers ooit in de legendarische discotheek Paradise Garage in New York hun muziek plots hoorden en daar heel opgetogen over waren.

In het “A – Z van Electro” uit 1996 van David Toop heeft Bambaataa de letter ‘B’:

‘Stadsastronaut Afrika Bambaataa en producer Arthur Baker, samen met muzikant John Robie, vormden het trio achter een muzikale revolutie genaamd ”Planet Rock”‘.

Niet verwonderlijk heeft Kraftwerk de letter ‘K’. Toop weer:

‘Kraftwerk waren de ‘showroom dummies’ die Bambaataa ertoe brachten zich achter de oren te krabben en te zeggen: “Excuses voor mijn taalgebruik, maar dit is echt rare shit”. […] Het idee muziek te maken met zakrekenmachines sprak jongeren aan die gewend waren om op vinyl te scratchen.’

Zo is het maar weer. Het was de tijd van de electro, toen de Roland TR-808 al op de markt was, maar techno nog geboren moest worden.

Rust zacht Bam.

RIP James Gadson (1939 – 2026)

James Gadson drumde op een liedje over zelfexpressie, toepasselijk “Express Yourself” (1970) getiteld.

Maar Gadsons grooves hoor je ook op “Lean On Me” (1972) en “Use Me” (1972) van Bill Withers, “I Want You” (1976) van Marvin Gaye, “Love Hangover” (1976) van Diana Ross en “Got to Be Real” (1978) van Cheryl Lynn.

RIP Glen Baxter (1944 – 2026)

De dood van Glen Baxter heeft me weer in de problemen gebracht. Ik stond geprogrammeerd om de uitvaart te verzorgen, er was zelfs een Belgische delegatie met Kamagurka en Herr Seele, en vanuit Nederland was Jaco Groot afgezakt.

Glen Baxter interviewed by Gil Roth

Maar toen ik me aan het voorbereiden was op mijn eulogie, stuitte ik op de uitspraak van Glen Baxter dat hij zich geïnspireerd voelde door de Bretoniaanse invulling van het denkbeeldige:

‘Ik geef de voorkeur aan het denkbeeldige waarin alledaagse voorwerpen plotseling interessanter kunnen worden. Dat aspect spreekt me erg aan. Ik ben het eens met Bretons definitie van ‘het wonderbaarlijke’: ‘Het wonderbaarlijke is nooit beter gedefinieerd dan als zijnde in volledig contrast met het fantastische.’’

Continue reading

RIP Chip Taylor (1940 – 2026)

Wild ding, je laat mijn hart zingen
Je maakt alles zo groovy, wild ding
Wild ding, ik denk dat ik van je hou
Maar ik wil het zeker weten!

Een paar dagen geleden stierf de Amerikaanse songschrijver Chip Taylor (1940 – 2026) de man achter “Wild Thing” (1965) en “Angel of the Morning” (1967), twee songs die er voor zouden moeten gezorgd hebben dat de brave man ‘binnen’ was, want het waren, denk ik, wereldhits.

Wie van ons heeft als tiener niet dronken rond het kampvuur “Wild Thing” meegebleird, ondertussen loerend en lonkend naar het “wild ding” dat hij of zij op het oog had, haar Hansje of zijn Grietje die de baby van de komende generatie in zijn of haar pupillen gebrand had staan maar die misschien niet de loerende blik beantwoordde maar andere ogen zocht? Ach, het genoegen, de teleurstelling, het drama, de verveling!

Desalniettemin, rust zacht Chip.

RIP Len Deighton (1929 – 2026)

Len Deighton werd 94. Hij was een Brits auteur actief in de thrillerschrijverij. Zijn bekendste titel is The IPCRESS File (1962), verfilmd met Michael Caine in de hoofdrol.

The Ipcress File trailer.

Wat hem echt een plaatsje in Dodenstad doet verdienen is deze uitspraak, die hij deed in London Match (1985), vertaald als Naspel in Londen:

‘De tragedie van het huwelijk is dat vrouwen trouwen en denken dat hun man zal veranderen, terwijl mannen trouwen en denken dat hun vrouw nooit zal veranderen.’

Rust zacht Len.

RIP Chuck Norris (1940 – 2026)

In de VS sterft actieheld Chuck Norris (1940 – 2026). In de documentaire Reel Bad Arabs (2006) staat Chuck Norris centraal als symbool voor de held die systematisch ‘slechte Arabieren’ bestrijdt. Regisseur Jack Shaheen analyseert hierin verschillende van diens projecten om aan te tonen hoe Hollywood een vijandbeeld creëerde.

De belangrijkste Chuck Norris-films die Shaheen bespreekt zijn The Delta Force (1986), Invasion U.S.A. (1985), Missing in Action (1984) en The President’s Man: Ground Zero (2002).

Ik ben geen complotdenker maar de link Hollywood-Israël wordt in deze docu wél uitgespeeld. Voor zover ik me herinner werden nogal wat films die in Reel Bad Arabs aan bod komen, door een productiemaatschappij met Israëlische roots gefinancierd en geproduceerd. En natuurlijk anti-dateren vele van deze films 9/11, in zekere zin was de fictie een voorafspiegeling van de brute werkelijkheid.

Wie geen zin heeft om Orientalism (1978) van Edward Said (1935 – 2003) te doorploegen, kan ik van harte Reel Bad Arabs aanbevelen.

Rust zacht Chuck.

RIP Bettina Köster (1959 – 2026)

‘De vraag is’, zei ik, ‘of veel mensen haar graf gaan komen bezoeken.’

‘Dat kan me niet eens zoveel schelen, als we Bettina Köster niet kunnen begraven, hoeft het voor mij niet meer’, zei Jahsonic, mijn muzikale doodgraver.

‘Waarom?’

‘Luister. Een luie cover van “Lay Lady Lay” uit 1993, een van mijn favoriete Dylan songs. Ze doet die song recht aan.’

‘Oké dan.’

Rust zacht Bettina.

RIP Gino Paoli (1934 – 2026)

Wat is er?
Dat ik verliefd op je ben geworden
Dat het me nu niets meer kan schelen
Van al die andere mensen
Van al die mensen die niet jij zijn

“Che cosa c’è?”

Gino Paoli was auteur van “Che cosa c’è?” (Wat is er?, 1964), een song op de soundtrack van de prachtfilm Parthenope (2024) van Paolo Sorrentino.

Sorrentino is een regisseur die je voor de OSTs kan gaan bekijken, hoewel ik zijn laatste, La grazia, aan mij voorbij liet gaan.

Rust zacht Gino.