Ook Tim Curry is dood, de man die in jarretels en korset te zien was in de zeer saaie film The Rocky Horror Picture Show (1975) waarvan je ten onrechte zou kunnen denken dat hij interessant is vanwege de titelgelijkenis met de geestige film The Little Shop of Horrors (1960) van Roger Corman.
Echter. Desalniettemin.
Curry bracht ook een plaat uit over onze favoriete nachtclub Paradise Garage.
I went down to Paradise Garage And took my place in line The cashier said “Are you alright?” I said “I’m feelin’ fine”
De polkadots van de pas overleden Yayoi Kusama kennen een relatief korte geschiedenis.
Ik lees dat onregelmatig verdeelde stippen vroeger mensen deden denken aan de huiduitslag van lepra, syfilis, pokken, builenpest en mazelen.
De moderne versie van de polkadots raakte wijdverspreid tijdens de Industriële Revolutie (ca. 1760) en de uitvinding van de eerste naaimachine (in 1790), toen dankzij het gemechaniseerde weven perfect ronde en gelijkmatig verdeelde stippen konden worden gemaakt.
In het jaar 1880 stipte het vrouwenmagazine Godey aan dat stippen helemaal in waren:
‘… grote stippen, kleine stippen, polkadots, Japanse stippen, Franse stippen, gedrukte stippen, brokaatstippen, lichte stippen en donkere stippen waren; jurken met stippen, mantels met stippen, effen stoffen afgezet met gestippelde stoffen, en gestippelde stoffen afgezet met effen stoffen; stippen in elke stijl en elke grootte; stippen voor altijd.’
Terwijl ik deze woorden schrijf, moet ik denken aan de paarse bol die tot voor kort in het Middelheim Beeldenmuseum lag en die de naam Yayoi draagt. Ik heb nu pas door dat dat naar Yayoi Kusama verwijst.
Maar dat doet allemaal weinig ter zake, want rust zacht Kusama.
Postscriptum 1
Het zou raar zijn om bij deze gelegenheid niet even te verwijzen naar het werk Dot-Lady (1983) van Ruth Thorne-Thomsen (1943 – 2025).
‘Als je verbanden wilt vinden, vind je die altijd, overal en in alles, de wereld explodeert in een netwerk, in een draaikolk van verwantschappen en alles verwijst naar alles, alles verklaart alles’ staat op p474 van mijn favoriete Umberto Eco roman De slinger van Foucault; en als Ratko Mladić (1942 – 2026) gisteren of zo sterft dringen de verwantschappen zich onmiddellijk in dichte drommen aan me op.
Onder het commando van Mladić werden achtduizend moslimmannen en -jongens afgemaakt in een oorlog die zowel een etnische als religieuze dimensie had en waar je als buitenlander voor de lol en voor veel geld in het weekend sniper mocht gaan spelen, de zogenaamde ‘Sniper Safaris’ in Sarajevo.
De gruweldaad van Mladić draagt de naam Srebrenica-slachting en het is de eerste genocide op Europees grondgebied sinds de Holocaust. De Nederlandse VN troepen die dat zagen gebeuren zijn daar nog altijd door getraumatiseerd.
Toch was er een Nobelprijswinnaar literatuur die zich geroepen voelde om dat te minimaliseren. Die man is Oostenrijker Peter Handke (1942), een openlijke sympathisant van de Servische president Slobodan Milošević, medestander van Mladic. Handke bezocht Milošević in zijn cel in Den Haag en sprak in 2006 zelfs op diens begrafenis.
Peter Handke is ook de auteur van het stuk Publikumsbeschimpfung (1966) dat ik in 2014 door theatergezelschap Fabuleus verwerkt zag als Liefdesverklaring in De Studio, een van de beste theaterstukken ooit.
‘Als je verbanden wilt vinden, vind je die altijd, overal en in alles, de wereld explodeert in een netwerk, in een draaikolk van verwantschappen en alles verwijst naar alles.’
Ratko Mladić, moge je ziel eeuwig geplaagd worden door de gruwelen van je daden en nimmer rust vinden. Zelfs het schandperk van mijn Dodenstad is teveel eer voor jou. Ik heb voor jou een nieuwe wens bedacht, RIS, wat staat voor ‘rust in schaamte’ i.p.v. ‘rust in vrede.’
Nu Dolly dood is kom ik allerlei over haar aan de weet. Vroeger was ze gewoon de zangeres van “Jolene” (op die song werd wild gedanst in café Bar Tabac waar ik begin jaren 2000 vaak uitging en hij kreeg een plaats in de door mij gecompileerde Jahsonic 1000) en van de song “9 to 5” (een meezinger uit mijn jeugd); nu blijkt ze plots een held voor Belgisch roodgroen, ik wist dat niet. In de interviews die ik met haar te zien krijg bedankt ze God net iets teveel naar mijn goesting maar dat doet allemaal weinig ter zake want rust zacht Dolly).
Op de foto van links naar rechts: Tomlin, Parton en Fonda in 9 to 5. Ik heb een zwak voor Tomlin.
Wist u trouwens dat een andere Parton, James Parton (1822 – 1891), schrijver was van Life of Voltaire (1886)?
On the Justice of Roosing Chickens (2003) van Ward Churchill
In 2022, toen Joseph Ratzinger stierf, beter bekend als Paus Benedict de Zestiende, opende ik het schandperk van Dodenstad. Ik heb daar een dubbele verhouding mee, met dat perk. Eigenlijk zou ik die doden daar liever niet begraven, ik zou die doden liever de toegang tot het kerkhof weigeren maar ik heb daar weinig keus in, er zijn hogere machten in het spel. Toch verzet ik me vaak met hand en tand en dus liggen er nog maar drie doden nu: die paus, de recent overleden tele-evangelist Pat Robertson en Ward Churchill, de antiwesterse activist, wiens stoffelijk overschot hier vorige week werd bezorgd.
Ward Churchill was de Amerikaanse academicus die On the Justice of Roosting Chickens (2003) schreef, een boek dat haarfijn uitlegde waarom de 9/11 aanslagen het verdiende loon van de VS waren, gezien wat ze de rest van de wereld hadden aangedaan. Het rare is, beste lezer, dat ik vroeger exact dezelfde mening was toegedaan. Ik herinner me nog haarfijn in welk een triomfantelijke bui ik me bevond toen ik als zesendertigjarige man naar huis probeerde te rijden, daarin belet door de files, nadat ik in het Huis van de Toekomst de tweede Boeing 767 in de WTC-torens had zien crashen. Ik ben sindsdien tot inkeer gekomen. In zekere zin ben lang puber gebleven. Of was het de langdurige invloed van mijn haast religieuze wekelijkse lezing van het blad HUMO?
‘Raoul is dood, lang leve Raoul.’ –Comte de Lautréamont
Mededoodgraver Dennis Tiefus – werkzaam op een naburig kerkhof met een ‘deurbeleid’ dat enigszins andere accenten legt dan het onze – meldt de dood van Raoul Vaneigem. Vaneigem was een Belgische Situationist die de spektakelmaatschappij wilde bestrijden met een revolutie van het alledaagse leven. Hij was daar op het moment van zijn dood nog steeds mee bezig.
Het waren de woorden waarmee ik de dood van Vaneigem op Facebook aankondigde. In de comments schreef ik een schampere opmerking over een bekende slogan van Vaneigem.
Slogan
‘Werk om te overleven, overleef door te consumeren, overleef om te consumeren, de helse cyclus is compleet’, tekende Vaneigem op in 1967 in zijn boek Traité de savoir-vivre à l’usage des jeunes générations‘ een boek dat in het Engels vertaald werd met de veel sprekender titel The revolution of everyday life.
Bonnie Tyler werd wereldbekend met de song “Total Eclipse of the Heart” (1983). Dat gedicht, want laat ons eerlijk zijn, songs zijn gedichten bevat de onvergetelijke regel:
Once upon a time, I was falling in love But now I’m only falling apart There’s nothing I can do A total eclipse of the heart
Een regel die uitdrukt wat iedereen al eens gevoeld heeft die uit een break-up komt: zal ik ooit nog graag kunnen zien? Of, zal ik ooit nog verliefd kunnen worden? De regel laat zich maar moeilijk naar het Nederlands vertalen vanwege de mooie dubbelheid van to fall in dit gedicht; namelijk, falling in love en falling apart.
Vroeger werd ik nog wel eens verliefd Vandaag stort ik enkel nog in Er valt niets aan te doen Totale verduistering van het hart
Een zeer onvolkomen vertaling die me een paar dagen blijft tegenhouden en die ik pas zal lossen als ik het duo crush/crash vind.
Vroeger had ik nog wel eens een crush Vandaag enkel nog een crash
Als ik deze woorden schrijf heeft mijn team Bonnie al lang begraven. We hebben haar naast Steinman (1947 – 2021) gelegd, de man die “Total eclipse” voor haar schreef. Terwijl ik deze woorden schrijf denk ik aan “Piece of My Heart” in de versie van Janis Joplin maar dat doet weinig ter zake want rust zacht Bonnie.
Wim T. Schippers is niet meer. Hij was een jeugdheld. Ik berichtte eerder over hem hier.
Schippers was kunstenaar, radiomaker en televisiemaker. In elk van die hoedanigheden was hij een beoefenaar van het dadaïsme. Op drie pagina’s in het boek Het carnaval van het zijn wordt hij geëerd met zijn pindakaasvloer en zijn stuk voor herdershonden Going to the dogs.
Going to the dogs (1986)
Afgezien van tijd heb ik slechts enkele keren centen in Schippers geïnvesteerd, dat was bij de aankoop van de Sjef van Oekel strips waar ik hard mee moest lachen.
Shit! Mijn auto vergeten!
Ellen Jens, de echtgenote van Schippers, die gedurende bijna veertig jaar ook een relatie had met televisiepresentator Adriaan van Dis, stierf al in 2023. Zij producete voor VPRO zowel haar man als van Dis. Van Dis zei over Jens: ‘Zij was verre van lichtzinnig – maar het is wat het is: zij verstond de kunst met twee mannen te leven. Oprecht én goochelend. Alleen benauwde lieden begrijpen dat niet.’ Jens producete ook Jeskefet. Alleen van Dis leeft nu nog. Ook hij krijgt later een plaats in Dodenstad.
Maar dat doet allemaal weinig ter zake want rust zacht Wim.
David Hockney is dood maar nog steeds wereldbekend van schilderijen als Een grotere plons (1967): springerige witte lijnen en omhoog schietende schuimvlakken in een strak, modernistisch zwembad; en Portret van een kunstenaar (zwembad met twee figuren) (1972), een volledig aangeklede man aan de rand van een zwembad peinzend kijkend naar een onderwaterzwemmer.
Secret Knowledge (2001)
Maar Hockney — en dat schijnt iedereen vergeten — is ook de laatste theoreticus die de Westerse kunstgeschiedenis volledig zou herschrijven door overtuigend aan te tonen dat oude meesters vanaf de vroege renaissance (ca. 1420) optische hulpmiddelen zoals holle spiegels, lenzen en de camera obscura gebruikten om beelden te projecteren en te traceren. Dit verklaart volgens hem de plotselinge toename van het fotografische realisme in die periode. De BBC maakte er een docu over.
In Amerika stierf James Blood Ulmer. Minstens een elpee in zijn oeuvre werd opgenomen door Bill Laswell.
Momentarily
Daar staat onder andere een track op van Erykah Badu. Een matige elpee van Laswell is beter dan een betere elpee van gelijk wie. Ook hier dus.
In het begin van zijn carrière maakte Ulmer avant-funk-achtige no wave die maar moeilijk te verhapstukken was maar daardoor behapbaar voor de blanke rockliefhebber die Rough Trade als een kwaliteitsgarantie zag. Trouser Press zegde dat alleen de reeds dode Jimi Hendrix zijn gelijke was. Maar dat doet nog weinig ter zake want rust zacht James.