Tag Archives: RIP

RIP Jeremy Thomas (1949 – 2026)

Brits filmproducer Jeremy Thomas (1949 – 2026) overleed. De laatste film die ik ‘van’ hem zag was de zeer te genieten The Man Who Killed Don Quixote (2018) maar Thomas is waarschijnlijk bekendst van Merry Christmas, Mr. Lawrence (1982) en The Last Emperor (1987).

Op de foto in bijlage een promoshot voor Bad Timing (1980) van Nicolas Roeg (1928 – 2018) met Theresa Russell en Garfunkel, twee dertigers die elkaar dodelijk uitputten op het slagveld van een allesverterende, destructieve en tijdverslindende liefde die in wezen geen enkel doel dient dan eeuwige miserie.

Roeg-trilogie

Bad Timing markeerde het begin van een drie-films-durende samenwerking met Nicolas Roeg, een persoonlijke favoriet. De film werd gevolgd door Eureka (1983), gebaseerd op het waargebeurde verhaal van goudzoeker Harry Oakes.

De derde film, Insignificance (1985), draait om een imaginaire ontmoeting tussen Marilyn Monroe, Albert Einstein, Joe DiMaggio en senator Joseph McCarthy.

De vader van Thomas was verantwoordelijk voor de Carry On serie en zijn oom voor de Doctor serie.

Geldschieters

Filmproducers, geldschieters dus, of mensen die de weg naar de banken kennen, interesseren mij als tussenpersonen tussen inspiratie en product ten zeerste. Denk niet te snel dat de kapitaalintensiviteit van film typisch is voor de 20ste eeuw, de spectaculars tijdens de Engelse Restauratie namen dezelfde plaats in als de hedendaagse blockbusters, en uitgevers van alle tijden moeten het ook van bestsellers hebben om cultboeken te kunnen betalen.

Ooit, in 2007 was dat, deed ik een kleine studie naar het cinematieke alter ego van de Parijse uitgever Éric Losfeld (die ik toen de coolste der uitgevers vond) en kwam ik de volgende filmproducenten en distributeurs op het spoor: Anatole Dauman (1925 – 1998) in Frankrijk; Antony Balch (1937 – 1980) en Richard Gordon (1925 – 2011) in het Verenigd Koninkrijk; Roger Corman (1926 – 2024), Ben Barenholtz (1935 – 2019) en Radley Metzger (1929 – 2017) in de VS.

‘Deze ondernemers runden bedrijven die ons films hebben gebracht waarin hoge en lage cultuur in elkaar oplosten, of ze hebben hun kunstfilmproducties gefinancierd met de opbrengsten van hun meer commerciële en exploitatieve ondernemingen’, schreef ik toen, maar het is onbeleefd om uit eigen werk te citeren dus rust zacht Jonathan.

Robin Morgan (1941 – 2026)

Amper een week na het overlijden van de Amerikaanse feministe Gloria Steinem sterft ook haar medestander Robin Morgan (1941 – 2026). Beiden hadden grote bezwaren tegen pornografie. De bezwaren van Steinem vertelde ik u vorige week, die van Morgan, negen jaar vóór die van Steinem, gaan zo:

…”pornografie is de theorie, verkrachting de praktijk.”

Die statement was meer dan zomaar een soundbite, want de titel van het essay is “Theory and practice: pornography and rape”. Het essay werd verzameld in Going too far: The personal chronicle of a feminist (1977). De bewering dat pornografie in dezelfde lijn ligt als verkrachting zal een constante blijven in feministische kringen.

Voorts schreef Morgan venijnige én broodnodige tirades tegen macho-figuren van de Amerikaanse tegencultuur. Zo moest de in 2019 overleden Paul Krassner het in 1970 al ontgelden:

‘Vaarwel aan de sympathieke “pro-vrouwenbevrijdings” Paul Krassner, met al zijn verbouwereerde woede over het feit dat vrouwen hun gevoel voor humor ‘over deze kwestie’ hebben verloren en niet meer lachen om kleine grapjes die hen vernederen en kwetsen: vaarwel aan de herinnering aan zijn “Instant Pussy”-spuitbusposter, aan zijn column voor het vrouwenhatende mannenblad Cavalier, aan zijn droom van een ‘Rape-In’ tegen de echtgenotes van wetgevers, aan zijn […] schattige anekdotes over het jonge dochtertje dat hij net zo vaak ziet als elke fatsoenlijk gescheiden vader van middelbare leeftijd […]; vaarwel voor altijd aan het idee dat een man mijn broeder is die, net als Paul, voor de nacht een prostituee koopt als verjaardagscadeau voor een mannelijke vriend, of die, net als Paul, in alfabetische volgorde de namen afhaspelt van mensen uit de vrouwenbeweging waarmee hij heeft geneukt, namen afhaspelt in de beste kleedkamertraditie—als bewijs dat hij geen seksistische onderdrukker is.’

Het intrigerende aan dit soort teksten is dat ze in dit taalgebied vast en zeker ook geschreven zijn met andere protagonisten, andere zondebokken en andere aanklagers. Ik vind ze nog wel maar dat doet nu weinig ter zake want rust zacht Robin.

RIP Jean-Paul Rappeneau (1932 – 2026)

Welnu, dan schrijf ik haar,
De minnebrief die in gedachte werd geschreven
Wel honderdmaal, zij is zoo klaar in mij gebleven,
Dat ik, door slechts mijn ziel te leggen naast dit blad
Niets anders heb te doen, dan te kopieeren ‘t klad.
Tot zover de berichten uit Dodenstad.

— Cyrano de Bergerac

Zacharie Heince gravure

Frans filmmaker Jean-Paul Rappeneau (1932 – 2026) stierf. Hij is bekend om de verfilming uit 1990 van Cyrano de Bergerac met de in onmin gevallen acteur Gérard Depardieu. Cyrano de Bergerac (1619 – 1655) heeft echt bestaan en hij was bekend voor twee dingen: voor zijn grote neus en zijn vroege sciencefiction roman over een reis naar de maan. Die reis naar de maan is bij ons vertaald door de enigmatische schrijver Jan H. Mysjkin, die er tevens op gewezen heeft dat de Bergerac eigenlijk gay zou geweest zijn, tenminste, de liefdesbrieven die hij schreef waren aan mannen gericht.

In “De werkelijke d’Artagnan” (1933) schreef E. du Perron over die neus en over het uiterlijk van de echte Cyrano:

‘Cyrano had geen kokkerd van een neus, de hoogte in, en geen vollemaansgezicht met een sik, maar een grote gebogen neus in een ovaal gezicht, intelligente, wat dromerige ogen, een goedgevormde mond met een smal snorretje daarboven; hij was oneindig minder lelijk dan zijn legende en Rostand het willen. ‘

En over liefdesbrieven gesproken, de Franse schrijver Edmond Rostand (1868 – 1918) produceerde in 1897 het toneelstuk waar de film van Rappeneau op gebaseerd was en daar komt een liefdesbrief in die bij ons vertaald werd als:

Welnu, dan schrijf ik haar,
De minnebrief die in gedachte werd geschreven
Wel honderdmaal, zij is zoo klaar in mij gebleven,
Dat ik, door slechts mijn ziel te leggen naast dit blad
Niets anders heb te doen, dan te kopieeren ‘t klad.
Tot zover de berichten uit Dodenstad.

Rust zacht Jean-Paul

RIP Gloria Steinem (1934 – 2026)

Nooit geweten dat ze ooit een boek over Monroe schreef [ik toon de cover van het boek van Gloria Steinem over Marilyn Monroe ].

Wel al lang geweten dat ze dit schreef, een giftige opmerking over pornografie:

‘Erotiek verschilt net zozeer van pornografie als liefde van verkrachting, als waardigheid van vernedering, als partnerschap van slavernij, als plezier van pijn.’–”Erotica vs. Pornography” (1983) Gloria Steinem

Maar dat doet nu nog weinig ter zake want rust zacht Gloria.

RIP Tim Curry (1946 – 2026)

Ook Tim Curry is dood, de man die in jarretels en korset te zien was in de zeer saaie film The Rocky Horror Picture Show (1975) waarvan je ten onrechte zou kunnen denken dat hij interessant is vanwege de titelgelijkenis met de geestige film The Little Shop of Horrors (1960) van Roger Corman.

Echter. Desalniettemin.

“Paradise Garage” (1979) by Tim Curry

Curry bracht ook een plaat uit over onze favoriete nachtclub Paradise Garage.


I went down to Paradise Garage
And took my place in line
The cashier said
“Are you alright?”
I said “I’m feelin’ fine”

–“Paradise Garage” (1979) by Tim Curry

Rust zacht Tim.

RIP Ward Churchill (1947 – 2026)

On the Justice of Roosing Chickens (2003) van Ward Churchill

In 2022, toen Joseph Ratzinger stierf, beter bekend als Paus Benedict de Zestiende, opende ik het schandperk van Dodenstad. Ik heb daar een dubbele verhouding mee, met dat perk. Eigenlijk zou ik die doden daar liever niet begraven, ik zou die doden liever de toegang tot het kerkhof weigeren maar ik heb daar weinig keus in, er zijn hogere machten in het spel. Toch verzet ik me vaak met hand en tand en dus liggen er nog maar drie doden nu: die paus, de recent overleden tele-evangelist Pat Robertson en Ward Churchill, de antiwesterse activist, wiens stoffelijk overschot hier vorige week werd bezorgd.

Ward Churchill was de Amerikaanse academicus die On the Justice of Roosting Chickens (2003) schreef, een boek dat haarfijn uitlegde waarom de 9/11 aanslagen het verdiende loon van de VS waren, gezien wat ze de rest van de wereld hadden aangedaan. Het rare is, beste lezer, dat ik vroeger exact dezelfde mening was toegedaan. Ik herinner me nog haarfijn in welk een triomfantelijke bui ik me bevond toen ik als zesendertigjarige man naar huis probeerde te rijden, daarin belet door de files, nadat ik in het Huis van de Toekomst de tweede Boeing 767 in de WTC-torens had zien crashen. Ik ben sindsdien tot inkeer gekomen. In zekere zin ben lang puber gebleven. Of was het de langdurige invloed van mijn haast religieuze wekelijkse lezing van het blad HUMO?

Continue reading

RIP Raoul Vaneigem (1934 – 2026)

‘Raoul is dood, lang leve Raoul.’ –Comte de Lautréamont

Mededoodgraver Dennis Tiefus – werkzaam op een naburig kerkhof met een ‘deurbeleid’ dat enigszins andere accenten legt dan het onze – meldt de dood van Raoul Vaneigem. Vaneigem was een Belgische Situationist die de spektakelmaatschappij wilde bestrijden met een revolutie van het alledaagse leven. Hij was daar op het moment van zijn dood nog steeds mee bezig.

Het waren de woorden waarmee ik de dood van Vaneigem op Facebook aankondigde. In de comments schreef ik een schampere opmerking over een bekende slogan van Vaneigem.

Slogan

‘Werk om te overleven, overleef door te consumeren, overleef om te consumeren, de helse cyclus is compleet’, tekende Vaneigem op in 1967 in zijn boek Traité de savoir-vivre à l’usage des jeunes générations‘ een boek dat in het Engels vertaald werd met de veel sprekender titel The revolution of everyday life.

Continue reading

RIP Wim T. Schippers (1942 – 2026)

Wim T. Schippers is niet meer. Hij was een jeugdheld. Ik berichtte eerder over hem hier.

Schippers was kunstenaar, radiomaker en televisiemaker. In elk van die hoedanigheden was hij een beoefenaar van het dadaïsme. Op drie pagina’s in het boek Het carnaval van het zijn wordt hij geëerd met zijn pindakaasvloer en zijn stuk voor herdershonden Going to the dogs.

Going to the dogs (1986)

Afgezien van tijd heb ik slechts enkele keren centen in Schippers geïnvesteerd, dat was bij de aankoop van de Sjef van Oekel strips waar ik hard mee moest lachen.

Garage, Haarleem by Andy Field (Hubmedia)
Shit! Mijn auto vergeten!

Ellen Jens, de echtgenote van Schippers, die gedurende bijna veertig jaar ook een relatie had met televisiepresentator Adriaan van Dis, stierf al in 2023. Zij producete voor VPRO zowel haar man als van Dis. Van Dis zei over Jens: ‘Zij was verre van lichtzinnig – maar het is wat het is: zij verstond de kunst met twee mannen te leven. Oprecht én goochelend. Alleen benauwde lieden begrijpen dat niet.’ Jens producete ook Jeskefet. Alleen van Dis leeft nu nog. Ook hij krijgt later een plaats in Dodenstad.

Maar dat doet allemaal weinig ter zake want rust zacht Wim.

RIP David Hockney (1937 – 2026)

David Hockney is dood maar nog steeds wereldbekend van schilderijen als Een grotere plons (1967): springerige witte lijnen en omhoog schietende schuimvlakken in een strak, modernistisch zwembad; en Portret van een kunstenaar (zwembad met twee figuren) (1972), een volledig aangeklede man aan de rand van een zwembad peinzend kijkend naar een onderwaterzwemmer.

Secret Knowledge (2001)

Maar Hockney — en dat schijnt iedereen vergeten — is ook de laatste theoreticus die de Westerse kunstgeschiedenis volledig zou herschrijven door overtuigend aan te tonen dat oude meesters vanaf de vroege renaissance (ca. 1420) optische hulpmiddelen zoals holle spiegels, lenzen en de camera obscura gebruikten om beelden te projecteren en te traceren. Dit verklaart volgens hem de plotselinge toename van het fotografische realisme in die periode. De BBC maakte er een docu over.