Tag Archives: music

RIP Ornella Vanoni (1934 – 2025)

“Mi sono innamorata di te”

We zijn hier samengekomen om afscheid te nemen van Ornella Vanoni.

Zo begon ik deze ochtend mijn grafrede. Daarna, ik moet het toegeven, las ik een tekst voor die een van mijn doodgravers voor mij geschreven had, ik geloof dat Leonardo het meeste werk geleverd had. Zelf kan ik het nog amper, er zijn de laatste maanden teveel klachten gekomen dat ik me niet aan het ‘onderwerp’ kan houden. Dat ik begin af te dwalen, dat ik zijpaden bewandel, dat ik over totaal andere personen begin, telkens gebruik makend van een kleine zijwaartse link. Zoals nu ook weer, mochten ze me mijn zin hebben laten doen, ik op dit moment alleen maar denken aan de woorden van het lied “Mi sono innamorato di te” (1962, Ik ben verliefd op je geworden):

Ik ben verliefd op je geworden
Omdat ik niets te doen had

Overdag wilde ik iemand ontmoeten
‘s Nachts wilde ik iets om over te dromen

Ik ben verliefd op je geworden
Omdat ik niet meer alleen kon zijn

Overdag wilde ik over mijn dromen praten
‘s Nachts wilde ik over liefde praten

En nu ik duizend dingen te doen heb
Voel ik mijn dromen vervagen

Maar ik kan niet meer denken
Aan iets anders behalve aan jou

Ik ben verliefd op je geworden
En nu weet ik zelf ook niet meer wat ik moet doen
Overdag heb ik spijt dat ik je ontmoet heb
‘S nachts kom ik je zoeken.

En terwijl die woorden in mijn hoofd spoken — Ornella Vanoni zong er ooit een versie van — maar het lied is eigenlijk van Luigi Tenco, lees ik braaf de woorden af die voor mij op papier staan.

Vergeef me. Rust zacht Ornella.

RIP Lô Borges (1952 – 2025)

“Tudo Que Você Podia Ser”, met de foto zoals die te zien op de plaat waar dat nummer op staat: Clube da esquina (1972)

Er werd weer wat gestorven in de wereld, heel veel gewone stervelingen uiteraard, die alleen in besloten kring gevierd worden, niks mis mee, maar ook grote namen, namen die de wereld in meer of minderde mate beroeren. Er was een Amerikaanse vicepresident die van oorlogsmisdaden beschuldigd werd (worden ze daar niet allemaal van beschuldigd, nietwaar?, de VS is toch een schurkenstaat, nietwaar?); er was een filmmaker die een pseudodocumentaire gemaakt had in de jaren zestig over een gefingeerde kernrakettenaanval op het Verenigd Koninkrijk; er was een componist van psychedelische muziek; er was een moleculair bioloog die baanbrekend DNA-onderzoek had verricht maar ook in opspraak was gekomen over vermeende ethnische intelligentieverschillen; er was een actrice die ooit met een zekere Alice gespeeld had die op haar gebruikelijke adres niet meer te vinden bleek; een Nieuw-Zeelandse filmmaker die de beste film van dat werelddeel op zijn naam had staan; en er was de reggae-zanger die het over iemands rode oogjes had, waarschijnlijk die kleur geblowd.

We hebben ze hier allemaal begraven maar ik heb er niet altijd over bericht. Maar dít stoffelijk overschot dat bij ons arriveerde, een 73-jarige dode die zijn achternaam deelt met een van mijn favoriete schrijvers, verdient wat aandacht.

Lô Borges was een Braziliaanse singer-songwriter en gitarist gekend voor songs als “Tudo que você podia ser” (1971, Nederlands: Alles wat je zou kunnen zijn).

De versie van Quarteto em Cy

Hij is co-auteur van die song, uitgevoerd door Milton Nascimento op hun gezamenlijke cultproject Clube da esquina (1972). Quarteto em Cy deed er ook een versie van.

Ter voorbereiding van mijn grafrede luister ik nu naar zijn gelijknamige debuutsoloplaat, die met de foto van de afgetrapte sneakers. Nooit van gehoord. Nooit gehoord. Uitstekende plaat, beetje Kevin Ayers vibe zoals in Joy of a toy.

Lô Borges (1972) van Lô Borges

Mocht u morgen na de uitvaart nog wat willen rondstruinen in Dodenstad, Braziliaanse muzikanten en componisten hebben hier hun eigen ereperk: de laatste jaren kwamen daar de stoffelijke overschotten van Hermeto Pascoal, Sérgio Mendes, João Donato, Astrud Gilberto, Rita Lee, Marcel Zanini, Gal Costa en Elza Soares bij.

Rust zacht Lô.

RIP Vivian Jones (1957 – 2025)

“Red Eyes” (1986)

Mijn doodgravers fronsen hun wenkbrauwen, kijken in ongeloof.

–‘Waarom wil u deze hier begraven? Vivian Jones? Nooit van gehoord. Een plaat zegt u? Welke?’

–‘Red Eyes’, zeg ik, ‘uit 1986, op Jah Shaka Records, uit de tijd dat ik nog veel blowde, daar krijg je rode ogen van.’

–‘Wat jij wil baas.’

Rust zacht Vivian.

RIP Jack DeJohnette (1942 – 2025)

Jazzdrummer Jack DeJohnette sterft en ik blader door mijn oude LIFE magazines om te zien of ik iets slims kan zeggen over het begin van zijn carrière.

Uit de elpee Sorcery (1974)

Ja hoor, hier een stuk uit 1967:

‘Jazz verkeert in een crisis. De muziek heeft zijn massale aantrekkingskracht verloren. Er wordt al lang niet meer op gedanst. En ‘new wave’-muzikanten als Ornette Coleman, John Coltrane en Charles Mingus hebben alle regels van harmonie en ritme naast zich neergelegd om vergaande, expressionistische improvisaties naar voren te schuiven, waardoor het puristische publiek nog verder is vervreemd.

Uiteindelijk heeft rock-‘n-roll, het bastaardkind van de jazz, in verschillende, elk uur veranderende vormen – ‘hard’, ‘folk’, ‘blues’ en recentelijk ‘psychedelisch’ – een hele nieuwe generatie luisteraars voor zich gewonnen.

Zonder het jonge publiek is jazz ten dode opgeschreven. Esthetisch en historisch gezien kan het niet worden voortgezet.

[…]

Jack DeJohnette die op de stevige randen van zijn drums slaat, bassist Ron McClure die jammert en brult, Keith Jarrett die met één hand de pianosnaren tokkelt en met de andere het toetsenbord bespeelt, en Lloyd die schor huilt op zijn tenorsaxofoon …’

Nee, toch niet, hier ga ik het op de uitvaart niet over kunnen hebben, het artikel gaat eigenlijk over saxofonist Charles Lloyd. Het zegt dus weinig of niets over DeJohnette zelf. Het zegt iets over de toestand waarin jazz zich in 1967 bevond, hier mooi verwoord door Richard Saltonstall, Jr. maar een paar jaar later nog mooier en veel gebalder samengevat door Zappa toen hij zei: ‘jazz is niet dood, het ruikt alleen een beetje vreemd.’

Even door mijn platenkast met de duim over de ruggen wrijven, welke plaat ga ik tijdens de dienst draaien?

Ik vind deze, Sorcery (1974) [zie boven], een spirituele jazzplaat uit de tijd dat spirituele jazz, wij noemden dat soms ook kozmigroov, populair was.

Rust zacht Jack.

RIP Dave Ball (1959 – 2025)

Dave Ball was een Engels componist en synthesizerspeler, de helft van de band Soft Cell die begin jaren tachtig wereldbekend werd met hun cover van “Tainted Love” (Verdorven liefde, ik hou van die titel).

Tainted Love

Het nummer stond op de elpee Non-Stop Erotic Cabaret maar hét nummer van die plaat was uiteraard “Seedy Films” met de tekst over eenzame geilheid en geile eenzaamheid, en de klarinetsolo van Dave Tofani.

Ik weet niet of ik het op een begrafenis moet vermelden, maar wist u dat er een video bestaat van het nummer “Sex Dwarf” (1981), ook op die elpee?

Sex Dwarf

Die clip werd geregisseerd door Tim Pope en toont een aantal volledig naakte vrouwen. Een van de vrouwen wordt gemarteld terwijl ze vastgebonden op een tafel ligt; andere vrouwen zijn bedekt met stukken vlees zoals je die normaal gezien aan de haken van slagers vindt. Halverwege wordt een dwerg uit een kist gelaten die wat met een kettingzaag gaat zwaaien. Heel Fura dels baus-achtig. De clip werd verboden vanwege expliciete, S&M-gerelateerde inhoud en op een gegeven moment in beslag genomen door de politie.

Hij is nooit openbaar uitgebracht, werd sporadisch vertoond in nachtclubs en onder de toonbank verkocht totdat hij op internet werd uitgebracht.

In Strict Tempo

En dan is er nog — want meer tijd zullen wij aan het draaien van liedjes tijdens de dienst niet kunnen besteden — de cultdanceplaat “In Strict Tempo” (1983) met het zeurderige vers-lijntje:

“We dream the things like this”

Wat dromen jullie dan?

Rust zacht Dave.

RIP Ron Carroll (1968 – 2025)

“I Get Lifted” (1994)

Ron Carroll was een Amerikaanse DJ, zanger, songschrijver en producer die actief was in het housemuziekwezen en daar songs medeschreef als “I Get Lifted” (1994) een song waarvan ik de lichtheid meer dan draaglijk vind. Ron was erg zwaarlijvig en erg zwaarlijvige mensen worden jammer genoeg nooit echt oud.

Rust zacht Ron.

RIP Hermeto Pascoal (1936 – 2025)

Hermeto Pascoal was Braziliaan, componist, veelspeler en fluitist. Hieronder vindt u een heel geestig filmpje van een waterconcert waar iedereen op flessen en fluiten speelt.

Het waterconcert uit ‘Sinfonia Alto da Ribeira’ (1985)

Ik vind dat clipje op de pagina ‘Jazz is dead’, wat mij doet denken aan het ‘bon mot’ van Frank Zappa die ooit zei: ‘jazz is not dead, it just smells funny.’

Het clipje komt uit de film Sinfonia Alto da Ribeira (1985) van Ricardo Lua.

Rust zacht Hermeto.

RIP Eduardo Palmieri (1936 – 2025)

“Lucumí, macumba, voodoo” (1978)

Eduardo Palmieri was een Amerikaans componist, pianist en bandleider van Puerto Ricaanse komaf, bekend van composities zoals “Lucumí, macumba, voodoo” (1978).

In 1999 zou David Toop in zijn boek Exotica Palmieri beschouwen —en ik parafraseer — als een van de kanalen waarlangs de mystiek van de Afrikaanse diaspora geabsorbeerd werd door de Amerikaanse populaire muziek en beweren dat Lucumi, macumba, voodoo (1978) de complexe erfenis van Afrikaans-Caribische cultritmes […] verkende.

Rust zacht Eduardo.