Cormac McCarthy was een Amerikaans schrijver gekend voor romans zoals No Country for Old Men (2005). De gebroeders Coen maakten er een van de beste films van de 21ste eeuw mee, werkelijk adembenemend.
Tot zover ‘over de doden niets dan goed.’
Cormac McCarthy was een Amerikaans schrijver gekend voor romans zoals No Country for Old Men (2005). De gebroeders Coen maakten er een van de beste films van de 21ste eeuw mee, werkelijk adembenemend.
Tot zover ‘over de doden niets dan goed.’
Roger Payne was een Amerikaans bioloog en milieuactivist.
Hij werd wereldbekend in 1970 toen hij een elpee met walvisgeluiden op het nietsvermoedende Westerse publiek losliet. Hij verkocht er honderdduizend exemplaren van en walvisgeluiden, vooral die van de bultruggen, werden een standaardgerecht op het menu van de new-age muziek.
Rust zacht Roger.
Op verschillende plaatsen kon men lezen hoe Silvio Berlusconi te vergelijken was met de tien jaar jongere Donald Trump. Op meer dan een vlak is die vergelijking terecht. Toch heb ik Berlusconi vele malen liever dan Trump.
Als Donald sterft, krijgt hij een perceel naast het graf van Silvio, dat wel, in het perk der potentaten, waar ook Napoleon en Dzjengis Khan liggen. Donald en Silvio zijn dan wel geen bloedvergieters maar dat is puur toeval. Potentaten hebben een symbiotische verhouding met macht. Macht trekt hen aan en mensen zijn spontaan geneigd hen macht te verlenen. Het is een dynamiek die ook voor Hitler opging.
Continue reading–‘Ted Kaczynski?’, vroeg ik toen ik vanochtend het dagoverzicht van mijn doodgraver inkeek.
–‘Nu al hier?’
Hij knikte.
–‘Die was toch nog oké, toen ik hem laatst zag? Niet dat ik de indruk had dat die echt honderd zou worden, maar er zaten nog wel wat jaren in dat tanige lijf van hem.’
–‘Zelfmoord? Ah bon.’
Gisteren, op weg naar een aantal vennen ten noorden van Turnhout, zei ik tegen mijn vrouw dat het nonsens is dat we naar een postindustriële samenleving evolueerden. De aanleiding is de dood van iemand die veel over de ‘postindustriële samenleving’ had geschreven.
Continue readingJe moet ofwel beroemd ofwel berucht zijn om een plek in Dodenstad te verdienen, gewone zielen worden aan de ingang geweigerd.

Enkele dagen geleden, het was een van de eerste warme dagen van het jaar, werd het dode lichaam van Pat Robertson hier aangeboden.
Continue readingIemand zoals Paul Ibou, die hier een tijdje geleden aankwam, waar moet ik die leggen? Bij de Belgen? In de buurt van de recent overleden zanger Arno? Bij de grafische ontwerpers? Bij de beeldhouwers? Bij de kunstenaars? Bij de I van Ibou?
Ik heb ‘m uiteindelijk op het Belgische perk gelegd, zijn werk mag dan wel een zekere wereldklasse uitstralen, het was niet genoeg in het buitenland gekend om hem bij de grafici te leggen.
Rust zacht Paul.
Toen het bericht van het overlijden van Françoise Gilot binnenkwam, kon ik er niet direct een gezicht op plakken. De naam klonk me vaag bekend, dat wel.
Continue readingIk vermoedde dat er veel geweend ging worden op deze begrafenis. Ik dacht, daar zorgt de muziek wel voor. Het aantal tranen op een begrafenis is meestal recht evenredig met de gekozen muziek.
Mocht ik niet onsterfelijk zijn, ik draaide “Message personnel” (1973) van Françoise Hardy op mijn begrafenis. Tranen gegarandeerd. Veel tranen.
Omdat er op de uitvaart van Astrud Gilberto uit eigen werk gespeeld werd, had ik mij dus aan veel tranen verwacht. De stem van Gilberto is bekend als een van de meest melancholische die men in de 20ste eeuw beluisteren kon.
Continue readingCynthia Weil schreef songs. Of songteksten. Of beide. Men is daar — als de persoon in kwestie geen vertolker is — zelden duidelijk over. Wat is de definitie van een songschrijver eigenlijk? Maakt men altijd het onderscheid tussen een componist, een muziekschrijver, en een lyricist, een liedjestekstenschrijver? Hoe worden die auteursrechten verdeeld? In het Frans zegt men parolier en ik geloof dat Cynthia eerder parolier dan componist was.
Continue reading